Door: Jan van Spaandonk
Artikel rugby in TROUW
Nu wel te lezen via de website

Afgelopen week stond er een mooi artikel in de TROUW. Omdat je voor het artikel een abonnement dient te hebben was het voor de gemiddelde supporter die onze Facebook volgt niet te lezen
Bij het rugby geen mekkerende spelers of theater op het veld.
‘Laat gaan, dit is geen voetbal!’
Ruziënde ouders, problemen met autoriteit: jarenlang coachte Rien Fraanje het voetbalteam van zijn kinderen, en hij zag alle vooroordelen bevestigd. Nee, dan rugby! Daar vond hij kameraadschap en discipline, respect voor de scheidsrechter en lof voor de tegenstander, op het veld en langs de lijn. Rien Fraanje1 september 2023 Een teamgenoot van mijn dochter krijgt de ovale bal perfect aangegooid. Hij vangt hem feilloos en met de bal onder de arm begint hij te rennen. De laatste verdediger van de tegenpartij denkt dat hij de jongen nog kan tackelen, maar met een korte schijnbeweging ontwijkt die het gevaar. Nu kan de jongen zonder hindernissen naar de achterlijn hollen
Vlak voordat hij die heeft bereikt, zet hij af. Hij zweeft door de lucht en drukt de bal op de grond. Er klinkt applaus. Verbaasd kijk ik om mij heen. De ouders van de thuisspelende ploeg klappen voor deze mooie try van de tegenstander. Dit heb ik al die jaren dat ik op zaterdagochtend langs het voetbalveld stond nog nooit meegemaakt
Jarenlang was ik coach van het voetbalteam van mijn kinderen. Ik heb daar alles meegemaakt wat het vooroordeel over voetbal zegt: commentaar op scheidsrechters, ouders die ruziën over de vraag of het nu wel of geen doelpunt/vrije trap/penalty was en vaders die verhaal komen halen omdat zoon niet op de juiste positie speelt. De eerste rugbywedstrijd van mijn dochter is een kleine cultuurshock. Ouders staan ontspannen langs het veld en commentaar op de scheidsrechter is taboe.
En dan de erehaag die de spelers na de wedstrijd voor elkaar maken. Eerst gaan de winnaars in twee rijen klaarstaan, waartussen de verliezers lopen terwijl ze met de steeds terugkerende en ritmisch uitgesproken kreet ‘hiep hoi’ worden toegejuicht. De verliezers sluiten vervolgens aan het einde van de rijen aan, waarna de scheidsrechter dezelfde eer ten beurt valt. De winnaars mogen als laatste door de erehaag heen. Het is een prachtig vertoon van sportiviteit. Hoe ben ik eigenlijk op dit rugbyveld terechtgekomen? Daarvoor moet ik terug naar het najaar van 2003. Als ik in de vroege morgen van 1 november in Sydney aankom voor een rondreis door Australië, blijkt het lastig om een bed in een hostel te vinden. Het is razend druk Down Under, omdat het wereldkampioenschap rugby in volle gang is. Vanuit alle windstreken zijn rugbyfans neergestreken in dit sportgekke land om de wedstrijden te kunnen bijwonen. Als ik uiteindelijk een hostel heb gevonden dat nog een bed overheeft, nodigt een kamergenoot mij uit om die avond mee te gaan naar het café om rugby te kijken. Enthousiast legt zij mij voor het grote televisiescherm de basisregels van de sport uit. Onomstreden autoriteit Ik ben onmiddellijk gefascineerd door de voor mij onbekende sport. Ik zie grote, sterke kerels die haast onderdanig naar de instructies van de scheidsrechter luisteren. Die is zowel in postuur als in spiermassa aanzienlijk minder omvangrijk dan de spelers, maar zijn autoriteit is onomstreden. De rugbyspelers trekken zelfs geen wenkbrauw op als een beslissing in hun nadeel is.
Iets anders dat opvalt is dat deze door tradities omgeven sport niet terugdeinst voor de inzet van technische hulpmiddelen, om alles zo eerlijk en veilig mogelijk te maken. De kijkers thuis en in het stadion kunnen via het microfoontje van de referee duidelijk meekrijgen welke beslissing hij neemt en waarom, en wat hij bij twijfel aan de videoscheidsrechter vraagt. Bij het oerconservatieve voetbal moet het dan nog vijftien jaar(!) duren voordat de Var zijn entree doet. Rugby kleurt mijn reis door Australië. Midden in de woestijn luister ik met Fransen en Engelsen op een kleine transistorradio naar de halve-finalewedstrijd Engeland-Frankrijk. En in de stad Cairns zie ik in een overvolle bar hoe Engeland de wereldtitel verovert, in een spannende finale tegen het thuisland. Ik ben verkocht. Dewereldkampioenschappen van 2007 en 2011 probeer ik te volgen via de Franse en Britse tv. Vage voetbaltechnische reden Bij het WK van 2015 heeft een commerciële Nederlandse zender zich over de sport ontfermd en probeert met prima uitleg en commentaar de liefde voor deze sport door te geven. Dochter en zoon, allebei enthousiaste voetballers, kijken mee en zien hoe Nieuw-Zeeland zijn wereldtitel prolongeert. Als mijn dochter enkele jaren daarna door haar voetbalcoach uit het selectieteam wordt geknikkerd vanwege een vage voetbaltechnische reden, alsof het hier om een profspeelster gaat in plaats van een elfjarig meisje, zijn er even tranen. Maar dan zegt ze: “Ik wil op rugby”. Rugby en voetbal komen voort uit een twist tussen twee rivaliserende Britse colleges over de vraag of je tijdens het spel de bal wel of niet met de handen mag vasthouden. De mensen die vonden dat je de bal met de handen mag oppakken, beginnen in de tweede helft van de negentiende eeuw met rugby hun eigen sport. Winston Churchill schijnt te hebben gezegd dat rugby een spel voor hooligans is dat wordt gespeeld door gentlemen. De overlevering heeft daaraan toegevoegd: ‘Football is a game for gentlemen played by barbarians’.
Geen spelregels, maar wetten
Rugby kan een gevaarlijke sport zijn. Om het voor iedereen veilig te houden zijn er the laws. Geen spelregels, maar wetten. Proef het verschil in waardering. De scheidsrechter is als bewaker van die wetten heilig: spelers mogen geen commentaar geven op de leiding. Doen ze dat wel, dan volgt onmiddellijk een gele kaart en in het rugby betekent dat een afkoelingsperiode van enkele minuten aan de zijlijn waardoor je team met een speler minder verder moet. Alleen de aanvoerder mag zich tot de scheidsrechter wenden met de vraag om een beslissing toe te lichten. Kom daar bij voetbal maar eens om. In de eredivisie en de Champions League zien we elk weekend spelers en coaches die bij voortduring het gezag en de autoriteit van de scheidsrechter betwisten, spelers die ballen wegtrappen om tijd te rekken als de tegenstander een ingooi mag nemen en voetballers die zich theatraal laten vallen om een vrije trap te versieren.
Albert Mantingh, commentator bij Ziggo Sport, ziet daarin het grote verschil tussen voetbal en rugby: de mate waarin de spelregels worden nageleefd én gehandhaafd. “Als de wereldvoetbalbond Fifa de regel zou instellen dat praten tegen de scheidsrechter onmiddellijk een gele kaart oplevert, en als een gele kaart zou betekenen dat je tien minuten naar de kant moet zodat je team meteen in het nadeel is, dan weet ik zeker dat het snel gedaan is met het gemopper op scheidsrechters.” Mantingh voetbalde in zijn jonge jaren, totdat hij zo’n veertig jaar geleden in Leiden aankwam om te studeren. Met enkele vriendenvan studentenvereniging Quintus ging hij rugbyen bij de studentenclub Harlequints. Rugby bleek een liefde voor het leven, waarmee hij bovendien zijn brood kon verdienen. Want toen hij eens op tv een commentator hoorde die duidelijk de spelregels niet kende, benaderde hij de sportzender en na een auditie mocht hij blijven.
Een lange carrière als sportcommentator volgde.
Voor Ziggo Sport becommentarieert hij tennis, rugby en voetbal, een sport waar hij nog steeds van houdt. Maar komende maanden doet hij verslag van het WK rugby in Frankrijk. Dat rugby meer is dan werk, blijkt wel uit de trip die hij met studievrienden gaat maken naar twee WK-wedstrijden. “De kameraadschap bij rugby is enorm. Het is een sterk familiegevoel. Als je liefde voor de sport hebt, word je snel tot die familie toegelaten. De onderlinge verbondenheid is heel sterk
Maakt die onderlinge verbondenheid het ook eenvoudiger om de laws te bewaken? Mantingh: “Zelfdiscipline en sportiviteit zijn traditioneel sterk verbonden aan de sport. Dat moet ook wel, omdat het een risicovolle sport is. Maar in tegenstelling tot de conservatieve sport voetbal is vernieuwing onderdeel van de rugbytraditie; de sport vernieuwt zich als dat nodig is. Terwijl bij voetbal een debat woedt over trainers die zich aan de kant van het veld misdragen, staan rugbycoaches allang niet meer op het veld maar hebben hun plek op de tribune.” WK Rugby in Frankrijk Vrijdag 8 september begint het tiende wereldkampioenschap rugby. De finale is op zaterdag 28 oktober. Het vierjaarlijkse toernooi, dat voor het eerst werd gehouden in 1987, vindt ditmaal plaats in negen stadions verspreid over Frankrijk. Er doen twintig landenteams mee. Titelverdediger is Zuid-Afrika, dat in 2019 voor de derde keer won. Nederland is er niet bij; de Nederlandse rugbymannen koersen op 2027. De Nederlandse kijker kan voor de World Rugby Cup terecht op Ziggo Sport. Zie voor meer informatie over het speelschema en - ticketverkoop rugbyworldcup.com. Een paar dagen na ons gesprek stuurt Mantingh mij een link naar een YouTube-filmpje waarin de iconische rugbyscheidsrechter Nigel Owens een speler bestraffend toespreekt die blijkbaar van zijn ongenoegen blijk heeft gegeven nadat Owens voor een overtreding heeft gefloten. Owens zegt: “Wij kennen elkaar nog niet. Laat ik mij voorstellen. Ik ben de scheidsrechter. Doe jij waar jij voor op het veld staat, dan doe ik waar ik voor ben. Ik wens geen commentaar te horen. This is not soccer.” Dit is geen voetbal. De voetbalvelden van de vele amateurclubs in ons land zijn een kerkhof van niet uitgekomen dromen. Al die schreeuwende ouders koesteren het onverholen verlangen dat zoon of dochter wordt gescout en mag doorstromen naar de jeugdopleiding van een profclub. Teamleiders wanen zich op zaterdagochtend voor even Feyenoord-trainer Arne Slot en schreeuwen aanwijzingen die de in het veld rondhollende kinderen niet begrijpen.
Bij rugby leren kinderen dat het eerst en vooral gaat om plezier en het concreet maken van de waarden die de sport wil uitdragen: sportiviteit, discipline en teamgeest. De uitslag is niet het belangrijkste, wel dat je met elkaar als team weer iets leert en beter wordt. Die sfeer van positiviteit wordt bij rugby gecultiveerd, waarbij voetbal de antithese is. Als een ouder toch per ongeluk moppert op een mislukte actie of vermoedelijk foute beslissing van de scheids, is er altijd wel iemand die net als Owens roept: “Laat gaan, dit is geen voetbal”.
Schrijver en organisatieadviseur James Kerr bestudeerde het Nieuw-Zeelandse rugbyteam om te onderzoeken wat het zo succesvol maakt. Het leidde tot de wereldwijde bestseller Legacy. 15 Lessons in Leadership. Daarin laat hij zien dat iedere speler die voor de zogenoemde All Blacks mag uitkomen, speelt voor iets dat hemzelf, dat moment of die ene wedstrijd overstijgt. Als All Black moet je de vraag kunnen beantwoorden wat je wilt nalaten. Ofwel: wat is je legacy, je nalatenschap? Dat is wat het Nieuw-Zeelandse team volgens Kerr zo succesvol maakt: ‘Het individuele ego lost op in een groter doel’. Dit is precies wat rugby zo mooi makt. Niet alleen de consequente handhaving van de laws doet rugby verschillen van voetbal. Het gaat ook om het latent aanwezige, maar fundamentele besef dat in de rugbysport eenieder de taak heeft om de cultuur en traditie van de sport te beschermen. Belangrijker dan die ene foute beslissing van de scheidsrechter die misschien wel het verlies van jouw team inluidt, zijn de kernwaarden van de sport. Elke keer dat je als coach, speler of toeschouwer foetert op de spelleider, ondermijn je die kernwaarden en draag je bij aan de verloedering van de sport. Voetbal draagt uit waaraan we in deze samenleving lijden: narcisme, prestatiegerichtheid, overmatige assertiviteit en problemen met autoriteit. Rugby staat voor de waarden waaraan we zo sterk behoefte hebben: integriteit, gemeenschapszin, discipline en zelfbeheersing.
Rugby in nederland
Nederland telt een kleine 17.000 rugbyers, die bij iets minder dan honderd clubs spelen. Ter vergelijking: ongeveer 1,2 miljoen Nederlanders voetballen, bij ruim 2900 clubs. Maar: het gaat de goede kant op. Het wereldkampioenschap van 2015 heeft het aantal leden fors opgestuwd, meldt Emma Fabri, tot voor kort werkzaam voor Rugby Nederland en nu voor World Rugby. De groei zat vooral bij de jeugd. Bij het wereldkampioenschap in Japan, vier jaar later, bleef zo’n effect uit. Nu het toernooi zich de komende weken afspeelt in Frankrijk, in dezelfde tijdzone als Nederland, en alle wedstrijden worden uitgezonden, heeft Fabri goede hoop op een nieuwe groeispurt. De Nederlandse rugbymannen promoveerden twee jaar geleden naar het Rugby Europe Championship, de hoogst te behalen klasse in Europa, na een zege op België. De volgende stap is, als het aan Rugby Nederland en sponsor Grolsch ligt, het WK 2027 dat in Australië wordt gehouden. Het gaat dan allemaal over de 15-a-side variant (het Rugby Union: twee teams met vijftien spelers), die twee keer veertig minuten spelen. Bij Rugby League, dat iets andere spel-regels heeft, tellen de teams dertien spelers. Daarnaast zijn er varianten met tien of zeven spelers per team, naast onder meer een rolstoel- en een strandvariant. De eerste officiële Nederlandse rugbyvereniging is de Delftsche Studenten Rugby-Club, snel daarop volgden Amsterdamse en Groningse studenten; gedrieën vormden ze de eerste Nederlandse Rugby Bond, die al vrij snel ter ziele ging. In 1932 waren er weer genoeg clubs om de Nederlandse Rugby Bond op te richten.





























































 003.jpg)























